Let op !! "Vistechniek: vaste stok" is slechts een klein onderdeel van deze zeer omvangrijke website van ERHV de Waal. Onze site telt meer dan 140 webpagina`s actuele hengelsportinfo voor ieder sportvisser. Klik hier als u niet via de hoofdpagina bent binnengekomen en de rest van onze informatie kan bekijken.


Inleiding
De ideale keuze voor een beginnende visser (vooral bij jeugdige) is een vaste hengel of vaste stok. Deze hengel is eenvoudig in gebruik en hier begint voor velen het eerste contact met een gevangen vis. Een vaste hengel is een hengel zonder molen. Aan de top van deze hengel zit een lijn met daaraan een dobber, lood en een haakje. Door aan de haak b.v. deeg of maden te doen kan men reeds de eerste inworp doen en wachten tot de dobber onder gaat. Men kan d.m.v. lokvoer de vis sneller op de visstek krijgen. Denk echter wel, indien er te veel wordt aangevoerd met lokvoer de vis zich zat vreet en de aanbeten nalaten. Vissen met een vaste hengel is een "statische visserij", omdat de visser zich uitgebreid op zijn stek kan installeren, omdat hij daar waarschijnlijk een langere tijd zal blijven.

Witvis is de verzamelnaam voor een groep vissen, waartoe onder andere de alver, brasem, kolblei, kopvoorn, blankvoorn, ruisvoorn en winde behoren. De vaste hengel vormt zoals eerder aangegeven ongetwijfeld de basis voor en de instap in de witvis sportvisserij. Daarmee kan men de eerste beetervaringen opdoen en ook kennis maken met de klassieke opbouw van de lijn, de functie van dobber en lood, en het belang van een aangepaste haakkeuze. Tegenwoordig worden vaste hengels gebouwd uit glasvezel, carbon of kevlar of uit hun composieten waarbij men probeert de goede eigenschappen van iedere materiaal component te verenigen in hun composiet.  Het gebruikte materiaal speelt wel een rol in de prijsbepaling.  Hoe hoger het percentage carbon of kevlar, hoe hoger de prijs maar hoe lichter de hengel.

Bij vaste hengels zijn er in de opbouw drie types:

Tevens is er nog een verschil bij een insteek- en een oversteek hengel. Namelijk: een insteek hengel is in het algemeen dunner van diameter maar hangt meer door op langere lengtes, een oversteek hengel is in het algemeen van diameter iets dikker maar hierdoor strakker op langere lengtes.

In Nederland wordt het meest gebruik gemaakt van insteekhengels. Een lengte tot 9,5 m biedt de recreatieve hengelaar de mogelijkheid om op de meeste visserijen goed aan de slag te kunnen.  Voor de competitievisserij heeft men wel een 11 m, een 12,5 m of zelfs een 14 m nodig.

Omhoog


Meer achtergrond informatie over deze vistechniek
Bijna iedereen heeft wel eens in zijn leven gevist met een vaste stok; de oude bekende bamboehengel uit de jeugd, of anders wel met de opvolger van de bamboehengel, een telescopische hengel voorzien van een topoog waar je je snoertje aan vast kon knopen.

Boven aan de zijkant zat dan het zogenaamde "kikkertje" waarop men het te veel aan lijn of je vislijn weer aan kon oprollen na het vissen. In het algemeen monteert men kikkertjes op het tweede deel van de top. Als de visavond was afgelopen werd deze vaste hengel weer in elkaar geschoven en vervolgens opgeborgen in de schuur gezet en direct gereed voor de  volgende visdag. Vaak werd met deze hengels gevist in de sloten in de directe omgeving van het huis, en was de hengellengte (ca. 4 meter) meer dan voldoende om halverwege het water te zitten met je dobber.

Voor de wat bredere viswateren werd je door de hengelsportwinkel geadviseerd om een loodzware 7 meter lange hengel aan te schaffen, welke meestal opgebouwd waren uit glasvezels. Na de vissessie, ging je minimaal met een vermoeide rug naar huis, omdat deze "lange" hengels soms wel meer dan 1,5 kilogram wogen. En dat is dan toch wel een zware belasting om uren achtereen mee in je handen te gaan moeten zitten.

Later zijn hengels veelal gemaakt van carbon. Hierdoor werden de hengels niet alleen veel lichter, maar ook sterker en "strakker". Met dit "strakker" bedoelen we dat de hengel loodrecht naar voren staat en dus niet in een grote boog, wanneer deze volledig in elkaar is gezet. Doordat de hengels met lichter materiaal werden gemaakt, was het zelfs mogelijk om vaste stokken te kunnen maken van meer dan 11 meter, terwijl deze dan nog ver onder de kilogram aan gewicht bleven. 

De term krachthengels staat voor een nieuwe generatie vaste hengels. Dit zijn hengels die een lijndikte van 18/00 tot 25/00 niet uit de weg gaan. De sterkte, kracht, actie en drileigenschappen zijn aangepast aan het vissen met dikker nylon. Krachthengels zijn ook uitstekend te combineren met een dikke elastiek (b.v. 2,15 - 2,55 - 2,70 mm). Krachthengels zijn tevens ontworpen voor het echte "trek- en sleurwerk". Dat wil zeggen dat er binnen de korst mogelijke tijd zoveel mogelijk brasem van formaat in het net gevist worden. Wanneer de brasem massaal op de voerplek zit en hij bijt dat het zijn lust is, dan mag er geen tijd verloren gaan en de dril moet zo kort mogelijk zijn. Wanneer er nog eens karpers nodig zijn om een goed eindresultaat neer te zetten, dan laten deze krachthengels zich van hun beste kant zien. Men heeft met deze hengels voldoende "power" in handen om de nodige, constante druk op deze "zoetwatervarkentjes" uit te oefenen. Iedere krachthengel heeft een aantal sterke punten en zal vooral de hengelaar zelf zijn die de uiteindelijke keuze maakt in functie van de viswaters die hij regelmatig bevist en de aanwezige visstand. Eerst en vooral moeten we stellen dat het eigengewicht van een krachthengel in feite van ondergeschikt belang is. Het is de balans die bepaalt of de hengel goed in de hand ligt. 

Omhoog


Aanschaf van een vaste hengel
Bij de aanschaf van een vaste hengel is het eerst en vooral nodig een aantal zaken op een rijtje te zetten. Het aanbod is zo groot dat het niet altijd even gemakkelijk is een keuze te maken.

Verkrijgbare lengten van vaste stokken zijn net zo verschillend als het aantal beschikbare merken op de markt. Men doet er altijd verstandig aan om uw hengelsport winkelier te vertellen wat men precies met deze hengel wilt gaan doen. Door zijn ervaring en door de informatie die de winkelier via zijn klanten toegespeeld krijg, weet hij beter dan wie ook of de gekozen hengel wel geschikt is voor het doel. Goed materiaal is trouwens ook in de hengelsport het halve werk. 

Kijk daarom niet op een paar centen en koop de meest geschikte hengel, ook al ligt de prijs misschien iets hoger dan het vooropgestelde budget. Voordat u over gaat tot een definitieve aankoop is het aan te raden om eerst testen in de bekende hengelsport vakbladen te lezen en op internet bij de online shops rond te kijken.

Omhoog


Vissen met de vaste hengel
Wanneer u eenmaal de keuze hebt bepaald en u gaat naar de waterkant dan moeten eerst nog een aantal technische zaken in orde worden gemaakt voordat met het vissen gestart kan worden. De juiste manier is om de spullen op de visplaats te organiseren. Als we alles binnen handbereik hebben weten we zeker dat we gerust aan een hengelsessie kunnen beginnen.

Met een korte hengel is het mogelijk te vissen met een tuig dat bijna even lang is als de hengel. Men spreekt dan ook wel van "uit het handje vissen". De hengel hoeft dan niet worden afgestoken of afgebouwd om bij de haak te kunnen komen. Dit is een zeer prettige (en tijdens wedstrijden een snelle) manier van vissen.

Het is een ander verhaal als we met een lange hengel willen gaan vissen n wind en stroming zijn een negatieve factor. Dat zijn de omstandigheden zodanig om te kiezen voor het vissen onder de top van de hengel. Het tuig dat dan gebruikt wordt zal meestal korter zijn als de lengte van de hengel en er wordt dan ook gevist met een "kortere opslag". Dit betekent dat slechts met een kort stuk lijn (ca. 1 meter) tussen de top en de dobber. De voordelen dan zijn dat wind noch stroming de dobber uit zijn baan kunnen trekken. De visser heeft dus een maximale controle op zijn vislijn en het aanslaan van een aanbijtende vis kan sneller en beheerst gebeuren. Om dan bij de haak te kunnen komen zal de visser de hengel horizontaal achter zich weg moeten steken, om de hengel daarna (meestal bij het derde of vierde deel) uit elkaar te halen.

Omhoog


Het uitpeilen van het water
Zet een naar eigen inzicht een juist tuigje aan de hengel. Doe vervolgens een dieptelood aan de haak. Het uitpeilen doen we recht
onder de hengeltop. 

We gaan nu voor en achter de vis stek peilen om te zien of de bodem hier recht verloopt en niet in een kuil of in een
richel. Het mooiste om te vissen is een vlak stuk bodem. Dit stuk peilen we af door zowel links, rechts, voor en achter het
uitgepeilde punt de bodem af te peilen. Hebben we een mooi stuk gevonden dan is het noodzaak om het peilen te herhalen met een licht peilloodje om het wegzakken van het zwaardere peillood in de modder te niet te doen. Maak dus altijd een paar peilloodjes met een verschillend gewicht.

Het is handig direct na het peilen de gevonden waterdiepte te markeren, zodat al verschuiven we de dobber vele malen eenvoudig teruggevonden kan worden. Het markeren kan d.m.v. een elastiekje of een stukje tape op de hengel, of door een markering van "Tippex" (witte correctievloeistof) op de lijn welke er met een doekje gedrenkt in een beetje thinner er weer af te halen is.

Omhoog


Aasaanbieding in stilstaand water

Actief vissen
We kunnen bijvoorbeeld door het zeer langzaam en in een vloeiende beweging verplaatsen van de hengeltop de vislijn verslepen. Het aas zal zich dan over het voer en tussen de azende vissen door verplaatsen. Dit verplaatsen moet wel zeer langzaam gebeuren om de vis geen argwaan te laten krijgen. Hoe traag? Wel, u doet het goed wanneer de dobber zo langzaam verplaatst wordt dat je het zelf nauwelijks in de gaten hebt.

Lokken
Hierbij wordt de dobber zo langzaam mogelijk met korte rukjes voortbewogen, zodat het aas als het ware over de bodem voort springt. Lokken gaat het beste met een slank model dobber, waarbij we moeten beseffen dat de plaats van het bovenste oogje
bepalend is voor het gedrag van de dobber als er met de hengeltop aan de lijn wordt getrokken. Als we de dobber, in plaats van door het bovenste oogje, vastklemmen met een ringetje dat we uit een stukje siliconenslang geknipt hebben, dan kunnen we door de plaatsing van dit ringetje te veranderen het gedrag van de dobber benvloeden. Schuif bijvoorbeeld het ringetje maar eens halverwege de dobber. Als we nu met de top aan de lijn trekken zullen we de dobber uit het water zien klimmen. Het aas zal nu over de bodem huppelen.

Onderstroming.
Als we niet zeker zijn of er een onder stroming is, dan doen we er goed aan eens links en rechts van de voerplek te gaan vissen.

Omhoog


Vissen in stromend water

Het vissen in stomend water gebeurt met dobbers met een groot drijflichaam. Dit wordt bereikt met ronde en buikige dobbers. Driften wil zeggen dat de lijn telkens tegengesteld aan de stroomrichting wordt ingelegd, waarna de de dobber "vrij" met de stroom kunnen laten meedrijven.
Schaam je niet om ook eens extra zware dobbers te proberen. Maak eens een setje tot een drijfvermogen van 7 gram. In stromend water kunnen we een zogenaamde drift maken. De lijn wordt hierbij telkens tegengesteld aan de stroomrichting ingelegd, waarna we deze vrij met de stroom laten meedrijven; dit is de eenvoudigste manier van driften. Deze manier is niet erg gunstig omdat de vis met de kop tegen de stroom in zal blijven liggen om het aas te kunnen pakken.

Hierop is een uitzondering, het "invers driften". Vaak wordt door het snelle middenwater, dat is de waterlaag tussen de oppervlakte en de bodem, de aasaanbieding nadelig benvloed. Men moet er voor zorgen dat het aas voorop in de stroom wordt aangeboden. Er mag dus geen bocht (met de stroom mee) in de lijn komen. Om dit te bereiken, kan heel goed een tweede druppelloodje halverwege de diepte van de lijn geplaatst worden. Het is wel even oppassen bij het inleggen van de lijn. Dat moet altijd met een strakke, gestrekte lijn gebeuren, omdat we anders problemen krijgen met de verzwaarde lijn.

Omhoog


Vissen met elastiek in de top
Dit systeem heeft een vast plekje veroverd in het foedraal bij de vaste stok vissers. Het elastiek begint te werken tijdens de dril of de vlucht van de vis. Het maakt de vis moe en voorkomt lijn breuk of uitscheuren van de haak. Het is mogelijk om meerdere delen van de hengel het elastiek te monteren (b.v. 1+2 en 3+4) om b.v. grote vissen te kunnen vangen. Je komt natuurlijk niet alleen met n soort elastiek klaar. Je gebruikt meerdere toppen met verschillende diktes nylon, aangepast aan de hengel of toppen. De inbouw van het elastiek in de hengel is eenvoudig met behulp van een elastiektrekker en is vlug klaar.

Omhoog


Enkele praktijktips voor het vissen met vaste hengel

Omhoog